
Het applaus hield maar niet op. Hij boog nog een keer. Zijn hele bovenlichaam ging een beetje naar voren. Het was een stramme en bescheiden buiging. Toen het stil was, keek hij de zaal door.
‘Een aantal mensen hier weten wie ik ben. Voor wie dat niet weet: Ik ben Koos Poppen.’
Ik was radiotechnicus bij Radio Lokaal en ik zat in de zaal, samen met de andere vrijwilligers. Wat er precies ging komen wisten we niet, maar er gingen flink wat geruchten.
Koos wees naar de drie bestuursleden die naast hem zaten, achter hun tafeltjes. Daarbij draaide hij zijn hele lichaam. Misschien had hij een nieuwe heup, of rugklachten?
‘Het bestuur van Radio Lokaal heeft mij ingehuurd. Nu moeten jullie niet denken dat ik jullie niet ken. Integendeel! In 1983 heeft Hans Ligthart mij gevraagd om een sportprogramma te presenteren. Dat heb ik een aantal jaren gedaan.’
Koos keek de zaal rond. ‘Radio Lokaal is een omroep met een rijke historie. Hans is een van de medeoprichters van de omroep, langs geleden in 1981. Dankzij de inzet van de vrijwilligers van toen, is de omroep een deel geworden van de geschiedenis van Kleinhuizen. Het waren die illustere namen van toen, zoals Hans Ligthart, of een Erik Dubbeldam, die de omroep groot gemaakt hebben. En ik, zei de gek, heb eraan bijgedragen om het sportprogramma op de kaart te zetten.’
Koos deed zijn bril af en zuchtte. ‘Helaas kom ik nu bij het slechte nieuws. De reden dat de omroep mij heeft ingehuurd. Wij moeten vooruit. Internet, sociale media: we doen er weinig tot niks mee. Radio Lokaal is blijven steken in het verleden.’
‘En als ik heel eerlijk ben: ter voorbereiding heb ik eens geluisterd naar de radio de afgelopen week. Het was van een bedroefend laag niveau. Om niet te zeggen: k, u en t.’
In de zaal ontstond wat rumoer.
‘Maar jullie hoeven je geen zorgen te maken. Ik heb namelijk een plan om Radio Lokaal te professionaliseren. Dit is hoe we het gaan doen: In de komende weken wil ik van elk programma een of twee mensen op bezoek hebben. Jullie mogen dan toelichten wat jullie toegevoegde waarde is, wat jullie publiek is en op welke dag en welk uur jullie willen uitzenden.’
‘Behalve,’ zei hij en stak zijn vinger op, ‘sport en nieuws. Die hebben hun waarde bewezen.’
De zaal werd nu heel rumoerig. Fred van Goedemorgen Kleinhuizen stond op.
‘Ja?’ zei Koos.
‘Dus als ik het goed begrijp,’ begon Fred. ‘Moeten wij aan jou gaan uitleggen wat ons bestaansrechts is? En dan moeten we afwachten of we mogen blijven? Al dan niet op hetzelfde moment als waarop we nu uitzenden?’
‘Klopt.’
‘Meneer Poppen.’
Ik luisterde naar mijn buurman, maar als Fred iemand meneer noemde, wist je dat er wat ging komen.
‘De afgelopen jaren zijn wij elke dag bezig geweest met Goedemorgen Kleinhuizen. Wij hebben onze ziel en zaligheid erin gestoken. Voor niets. Noppes. Omdat wij het leuk vinden om radio te maken. En omdat onze luisteraars het mooi vinden dat wij radio maken. Elke dag waren we bezig met items regelen, mensen bellen, platen uitzoeken die daarbij pasten. Maar het bestuur van deze omroep zegt nu: wij twijfelen aan jullie professionaliteit? Wij twijfelen of jullie goed genoeg zijn? Jullie mogen dankbaar zijn dat er nog mensen zijn die hun vrije tijd opofferen voor de radio.’
‘Precies,’ zei Koos. ‘Dit is precies wat wij willen horen van jullie. Zo kun je een plek verdienen in het nieuwe uitzendschema.’
Met een trilling in zijn stem zei Fred: ‘Dat hoeft niet. Ik stop ermee.’
Rumoer in de zaal. Freds vrouw Aline trok aan zijn schouder en zei iets. Hij trok zich los, hief zijn handen in een verontschuldigend gebaar en riep ‘Nee!’
Fred wees naar Koos: ‘Ik weet precies hoe ik radio moet maken en voor wie ik dat doe. Ik ga dat niet uitleggen aan een of andere schlemiel die denkt dat hij daar verstand van heeft omdat hij dertig jaar geleden een jaartje een programma heeft gepresenteerd.’
‘Rustig mensen,’ zei Koos. ‘Jullie krijgen allemaal een kans om je zegje te doen. Maar laten we eerst een pauze inlassen. Daarna behandelen we het schema.’
Ik zag hem van het podium afstappen. Hij had er moeite mee. De bestuursleden stonden direct naast hem.
Aan het einde van de avond was een derde van de vrijwilligers opgestapt. In de weken daarna volgde nog een derde.
Log in om te reageren
Beste Stefan, Haha! Ik vind het vooral erg leuk om te lezen omdat ik zelf ook een jaar of 7 intensief met lokale radio ben bezig geweest. Geen sport maar politiek. Wat je schetst is grotesk, maar heel ver bezijden de waarheid is het nu ook weer niet. Zo gaan/gingen inderdaad de dingen bij een loka...
Je hebt Trump als inspiratiebron goed opgepakt. De Koos figuur is behoorlijk irritant (en destructief) neergezet. (Het is wel een beetje eenzijdig, had die Koos niet alleen maar negatief afgeschilderd, maar ook iets tegenstrijdigs gegeven.) *** Het ik-perspectief zou ik hier niet gebruiken. Het ...