
Vooraf:
Ik vond de uitdaging deze keer niet zo inspirerend. Maar Gi gaf bij mijn vorige verhaal feedback die mij op het idee bracht de uitdaging anders op te pakken. Ik gaf AI deze opdracht:
Maak een absurd en niet realistisch plaatje waar ik een verhaal bij moet verzinnen.
Het plaatje zit je hierboven. Hier volgt mijn verhaal:
***
'Meneer Giraf, weet u waar mijn benen zijn?’ Polly keek langs de lange nek van meneer Giraf omhoog en zag hoe hij een grote roze kauwgombel blies. Die spatte met een knal uit elkaar. Een lange dunne tong trok de plakkerige resten weer naar binnen.
Meneer Giraf draaide met zijn onderkaak langs zijn bovenkaak en sloot een van zijn ogen. Als hij wist waar zijn eigen poten waren, had hij zich nu waarschijnlijk achter de oren gekrabd.
‘Juffrouw Polly, ik weet het werkelijk niet, ik ben de mijne ook kwijt. De benen nemen hier altijd de benen.’ Hij wapperde even met zijn oren. Daarbij verschoof zijn bolhoedje een beetje naar links.
‘Liggen ze niet achter u in bad? U zit verkeerd om wil ik maar zeggen.’
Polly draaide zich om in de antieke badkuip. Het water klotste over de rand. Een van de goudvissen die haar gezelschap hielden, maakte een boogje en viel op de zwart wit geblokte tegels. Daarbij schoot een van zijn flankvinnen naar voren en bleef rechts van zijn mond hangen. Het leek alsof hij nu ook achteruit zou kunnen zwemmen.
‘Juffrouw Polly,’ schreeuwde hij. Zijn kieuwen gingen snel op en neer. 'Help.’
‘Ach Goldiedrie, wat doe je me nu.’ Nog voor Polly hem uit de benarde situatie kon redden, schoot mevrouw Poes over het glibberige pad. Hap, weg was Goldiedrie.
Mevrouw Poes likte haar poten af en waggelde weg. Met een behendig sprongetje landde ze bovenop de ladenkast.
‘Die was niet voor de poes. Of wel?,' vroeg meneer Giraf.
‘De natuur gaat zoals ze gaat,’ antwoordde Polly.
‘Hm,’ verzuchtte meneer Giraf en liet nu zijn andere oog dichtvallen.
‘Van wie zijn die benen die uit de kast hangen?,’ vroeg Polly.
‘Van een andere badgast. Misschien zit ze zelf nog in de kast. Sommige gasten durven niet goed uit de kast te komen.‘
‘Dan zal ik haar niet storen. Alles op de juiste tijd. En het is nog geen half twaalf.
‘Waarom draagt mevrouw Poes geen hoed en meneer kabeljauw en jij wel?’
‘Wij zijn bijzonder in het hieronder. Ik zorg voor de thee terwijl u zich opfrist. Meneer kabeljauw is de sleuteldrager. Hij opent de deur voor u.’
'Zodra ik het telefoontje heb gehad?’
‘Ja, zodra u het telefoontje heeft gehad.’
Polly keek reikhalzend naar de deur die leidde naar het hierboven.
‘Hoe is het daarboven meneer Giraf?’
‘Magisch.’
Polly dronk haar kopje leeg.
‘Ik ben er klaar voor, alleen … hoe kom ik daar zonder benen?’
‘Soms hangen ze onder de wolken. Zal ik eens kijken?’
Meneer Giraf wachtte Polly’s antwoord niet af en boog zijn lange nek naar beneden. Hij stak zijn snuit door de wollige witte massa.
‘ ier zij ze,’ hoorde Polly onder de badkuip.
‘Ze zijn door het putje weggespoeld,’ zei meneer Giraf toen hij weer rechtop stond. Aan zijn bolhoed hing nog een wit toefje wolk.
‘Als je dadelijk de stop er uit haalt, kun je ze weer naar boven trekken.’
‘Klop, klop,’ ging de telefoon.
Polly greep de roze hoorn en zei zachtjes : ‘ja?’
‘Kom dat bad uit. Het is tijd.’
Even voelde Polly een siddering door een van haar kiezen.
Ze hield een hand over de hoorn en fluisterde naar meneer Giraf: ‘Ze zijn wel streng daarboven.’
‘Het komt wel goed als u uw benen maar meeneemt. En een paraplu. Het kan daarboven nog wel eens met bakken omlaag komen. ‘
Goede invulling. Ontzettend veel hilarische zinnen. Ik begon tijdens het lezen te quoten en het ging maar door. Slechts enkele hieronder zijn negatievere kritiek.
Mooi beeld die lange tong.
Hier vond ik het 'draaide' een minder scherp beeld. Ik zou kiezen voor 'maalde'. ...